Naar hoofdinhoud

Spelkennis

Kennis.

Jeugdhockey

Per leeftijd

Beginner 7 min lezen

Een 9 tegen 9 hockeyteam coachen: opstelling, wissels en de eerste strafcorner

Er bestaat geen officiele KNHB-opstelling voor 9 tegen 9: welke vorm je met je O11-team speelt is een coachkeuze, bijvoorbeeld drie achterin, drie op het midden en twee voorin. Je echte prioriteiten volgen uit wat nieuw is voor je spelers: de eerste strafcorner, een echt doel met keeper, bevoegde scheidsrechters, vier kwarten en de eerste gepubliceerde ranglijst. Dit artikel zet per onderdeel op een rij wat je kiest, wat je traint en hoe je de stand in perspectief houdt: ontwikkeling gaat voor.

Ties Vermolen

Beginner 7 min lezen

Een aanvallende strafcorner voor O12: varianten die echt werken

Een goede aanvallende strafcorner voor O12 is geen trukendoos, maar één vaste basiscorner (zuivere aangeef, dode stop nét buiten de cirkel, lage harde slag) met twee of drie rebounders op vaste plekken. Varianten zoals de breedtebal of de tip-in voeg je pas toe als die basis onder wedstrijddruk overeind blijft; de sleeppush hoort er op deze leeftijd nog niet bij.

Linde de Wit

Beginner 8 min lezen

Een 8 tegen 8 hockeyteam coachen (O10): opstelling, shoot-out en speelbegeleiden

Er bestaat geen voorgeschreven KNHB-opstelling voor een 8-tal: welke vorm je met je O10-team speelt is jouw keuze, bijvoorbeeld drie achterin, drie op het midden en een voorin. Je echte prioriteiten volgen uit wat bij O10 nieuw is: een half veld dat twee keer zo groot is als vorig jaar, de shoot-out die de strafcorner vervangt, scoren op plankhoogte, 5 meter afstand, en het feit dat je als coach vaak ook speelbegeleider bent. Dit artikel zet per onderdeel op een rij wat je kiest en wat je traint.

Linde de Wit

Gevorderd 9 min lezen

Van veldscheidsrechter naar zaalhockey fluiten: dit moet je weten

Zaalhockey fluiten vraagt een andere bril dan veld. De vier grootste omschakelingen: alleen de push is toegestaan (elke slag, slapshot of schuifslag fluit je af), elke hervatting is een vrije push met tegenstanders op 3 meter, de strafcorner kent een 30-secondenregime dat je actief managet, en kaarten hebben eigen tarieven: groen 1 minuut, geel 2 of 4. Deze gids zet per onderdeel op een rij wat je anders moet beoordelen, op basis van het KNHB Spelreglement Zaalhockey vanaf november 2025 en de Afspraken Arbitrage Zaalhockey 2025-2026.

Daan Veldkamp

Beginner 8 min lezen

Zaalhockey-spelregels: dit is anders dan op het veld

Zaalhockey speel je met zes spelers per team, inclusief keeper, en alleen met de push: elke vorm van slaan is verboden, ook de schuifslag. De bal blijft op de vloer behalve bij een schot op doel, de balken langs de zijkanten horen bij het spel en tegenstanders staan bij elke hervatting op 3 meter. Kaarten zijn korter dan op het veld: groen 1 minuut, geel 2 of 4 minuten. Dit overzicht volgt het KNHB Spelreglement Zaalhockey vanaf november 2025 en zet de verschillen met het veld op een rij.

Daan Veldkamp

Beginner 7 min lezen

Spelregels 11 tegen 11 hockey (O12): heel veld, alle regels erbij

Bij O12 speel je 11 tegen 11 op een heel veld van 91,40 bij 55 meter, met een echte cirkel van 14,63 meter en vier kwarten van 17,5 minuut. Er gelden de standaard spelregels uit het KNHB Spelreglement veld: strafcorner, strafbal, kaarten en tijdstraffen, de hogebalregels en de 5-meterregel. De regels zelf zijn gelijk aan die van O11, alleen het veld is groter en er staan twee spelers per team meer in. Hieronder loop je alles langs, met een vergelijking met O11.

Daan Veldkamp

Beginner 3 min lezen

Zaalhockey: wat heb je nodig? De uitrusting voor de zaal op een rij

Voor zaalhockey heb je naast een bitje en scheen- en enkelbeschermers vooral schoenen met een vlakke, niet afgevende zool nodig. Een beschermende handschoen aan de linkerhand raadt de KNHB dringend aan, maar hij is niet verplicht. Een aparte zaalstick is prettig, maar voor een eerste zaalseizoen niet nodig: een veldstick mag in de zaal ook. Hieronder lees je per onderdeel wat verplicht is, wat verstandig is en waar je op let.

Marije ten Have

Beginner 4 min lezen

Welke maat hockeystick? Zo kies je de juiste sticklengte voor je kind

De juiste maat hockeystick hangt af van de lichaamslengte van je kind, niet van de leeftijd. Zet de stick rechtop naast je kind: de bovenkant hoort tussen navel en heup uit te komen. Twijfel je tussen twee maten, kies dan de kortere, want een te lange stick maakt aannemen en drijven lastiger. Hieronder staat de maattabel van 24 tot 36,5 inch, lees je hoe vaak een kind een nieuwe maat nodig heeft en waar je naast de lengte op let.

Marije ten Have

Beginner 7 min lezen

Scheenbeschermers en bitje: de juiste maat kiezen en op maat maken

Scheen- en enkelbeschermers en een bitje zijn verplicht in elke bondswedstrijd, ook bij de jongste jeugd. Ze kosten weinig, maar alleen als ze goed zitten beschermen ze: een scheenbeschermer die schuift laat de scheen open en een bitje dat klemt wordt uitgespuugd. Deze gids legt uit hoe je de maat kiest op kuitlengte, waarom de enkel meetelt, hoe je een bitje thuis op maat maakt en wat er verandert met een beugel.

Marije ten Have

Beginner 7 min lezen

Hockey oefenen thuis met je kind: kleine oefeningen, groot verschil

Tien minuten oefenen op de tegels of in de gang doet meer voor het balgevoel van je kind dan een extra training. Het geheim is regelmaat: korte sessies met veel kleine balcontacten, op elke vlakke ondergrond, met een tennisbal binnen of een hockeybal buiten. In deze gids vind je een leerlijn van simpele tikjes tot shoot-out-spelletjes, een kant-en-klare 10-minutenroutine en de valkuilen die je beter vermijdt. Plezier voorop, want zonder lol geen leercurve.

Linde de Wit

Beginner 7 min lezen

Je aanname verbeteren: de eerste aanraking die je sneller maakt

Een betere aanname begint met een simpele omslag: gebruik je eerste aanraking als versnelling, niet als stop. Neem de bal aan in de richting van je volgende actie, met je lichaam achter de lijn van de bal en met zachte handen. De leerlijn: eerst stilstaand leren dempen, dan richting geven aan je eerste aanraking, daarna scannen en aannemen onder druk. In dit artikel loop je die stappen door, met de techniek per stap, de meest gemaakte fouten en een trainingsopbouw tot wedstrijdvorm.

Ties Vermolen

Beginner 7 min lezen

De backhand leren: van liggende backhand tot tomahawk

De backhand leer je in een vaste volgorde: eerst de liggende backhand (stick vrijwel plat, bal raken met de rand), daarna de tomahawk (stick verticaal, voor de stuitende bal). De hoofdregel is bij allebei hetzelfde: eerst de bal goed leggen, dan pas slaan. Leg de bal op lijn met je rechtervoet, houd de face stil en zwaai horizontaal door de bal. In dit artikel loop je de hele leerlijn door, van stilliggende bal tot de keuze op snelheid in de wedstrijd, inclusief de fouten die je onderweg tegenkomt.

Ties Vermolen

Materiaal: koopgidsen

Al het hockeymateriaal

Zoek op onderwerp