Kaarten en tijdstraffen in het hockey: groen, geel en rood uitgelegd
Een groene kaart kost je op het veld 2 speelminuten, een gele minimaal 5 en in de praktijk 5 of 10 minuten, en een rode kaart betekent het einde van je wedstrijd. In de zaal zijn de straffen korter: groen 1 minuut, geel 2 of 4 minuten. In alle gevallen speelt je team tijdens de straftijd met een speler minder. Dit artikel legt uit wie de tijd bijhoudt, waar je je straf uitzit, hoe het zit met kaarten voor de aanvoerder, de keeper en de coach, en wat er na een rode kaart echt volgt, op basis van het KNHB Spelreglement Veldhockey vanaf 1 augustus 2025.
Keeper-analist
Zo werkt de kaartenladder
Hockey kent op het veld vier oplopende stappen: een verbale vermaning, een groene kaart, een gele kaart en een rode kaart. De basis staat in het KNHB Spelreglement Veldhockey dat geldt vanaf 1 augustus 2025 (regel 14), aangevuld met de Standaard Arbitrage Afspraken voor seizoen 2025-2026. Het principe is bij elke kaart hetzelfde: de gestrafte staat aan de kant en het team speelt gedurende de hele straftijd met een speler minder. Die straftijd loopt in speelminuten, dus alleen wanneer de wedstrijdklok loopt.
De duur verschilt tussen veld en zaal:
| Kaart | Veld | Zaal |
|---|---|---|
| Groen | 2 speelminuten | 1 minuut |
| Geel | minimaal 5 minuten, in de praktijk 5 of 10 | 2 of 4 minuten |
| Rood | rest van de wedstrijd | rest van de wedstrijd |
Voor de zaal is het Spelreglement Zaalhockey vanaf november 2025 leidend. De vaste tarieven, de strafbank en het stilzetten van de tijd zijn Nederlandse invulling: de FIH schrijft internationaal alleen minimaal 5 minuten (veld) en minimaal 2 minuten (zaal) voor.
Groene kaart: 2 minuten aan de kant
Een groene kaart is een formele waarschuwing met 2 speelminuten tijdstraf. Dat is niet altijd zo geweest: tot en met seizoen 2014-2015 was groen alleen een waarschuwing zonder tijdstraf. Sinds 1 augustus 2015 staat de tijdstraf van 2 minuten in het Nederlandse reglement, in navolging van de FIH-regels van dat jaar. Een groene kaart komt niet op het digitale wedstrijdformulier.
Krijg je in dezelfde wedstrijd een tweede groene kaart, dan wordt dat geel (5 minuten). Twee vaste kaartafspraken uit seizoen 2025-2026 om te onthouden: staat de verdediging bij een strafcorner niet binnen 40 seconden klaar, dan volgt een groene kaart en verdedigt het team de corner met een speler minder. Ook crowding rond de scheidsrechter levert standaard groen op.
Gele kaart: 5 of 10 minuten
Het reglement schrijft voor geel minimaal 5 speelminuten voor. De Standaard Arbitrage Afspraken 2025-2026 maken daar een vast schema van, met drie situaties die altijd 10 minuten kosten: een gele kaart voor een teambegeleider, een slidingtackle die een tegenstander raakt, uit balans brengt of tot duidelijk ontwijken dwingt, en een fysieke overtreding die op het lichaam van de tegenstander is gericht. Alle overige gele kaarten duren 5 minuten. Geel komt, anders dan groen, wel op het wedstrijdformulier. Een tweede gele kaart in dezelfde wedstrijd betekent rood, genoteerd als twee keer geel.
Ook bij protest ligt de lat vast: een wegwerpgebaar of cynisch applaus richting de scheidsrechter is direct geel.
Wie klokt de straftijd en waar zit je
De scheidsrechter zet de tijd stil om de kaart te geven en start pas weer als de speler het veld heeft verlaten. Alleen de Hoofdklasse en de Gold Cup, met een wedstrijdofficial, kennen hiervoor afwijkende afspraken. Je zit je straf uit op de spelersbank of, als die er is, op de strafbank bij de wedstrijdtafel. Op het veld bepaalt de scheidsrechter wanneer je terug mag; ga dus nooit op eigen initiatief het veld weer in.
Drie praktische regels daaromheen. Eén: tijdens kwart- en rustpauzes mag je gewoon bij je team zitten; de straftijd telt alleen door in speeltijd. Twee: wangedrag tijdens de straftijd kan verlenging opleveren. Drie: een gestrafte speler mag tijdens de straftijd niet gewisseld worden, maar direct na afloop wel, zonder eerst het veld in te hoeven.
In de zaal: dezelfde ladder, kortere straffen
Zaalhockey gebruikt dezelfde kaarten met kortere tijden: groen is 1 minuut, geel is 2 of 4 minuten (4 bij ernstige of fysieke overtredingen) en rood is opnieuw de rest van de wedstrijd. Ook hier betekent een tweede gele kaart rood. Je zit op de strafbank bij de wedstrijdtafel en in de praktijk geeft de wedstrijdtafel het teken dat je terug mag; formeel blijft dat de beslissing van de scheidsrechter. Ook in de zaal wordt de tijd stilgezet om een kaart te geven.
Een verschil om te kennen: een verkeerde wissel kost in de zaal een strafcorner tegen, waar op het veld alleen een persoonlijke straf volgt. Meer zaalverschillen vind je in de spelregels van zaalhockey en, voor wie zelf fluit, in van veld naar zaal als scheidsrechter.
De aanvoerder: aparte telling en een nieuwe FIH-formulering
Voor aanvoerders geldt een uitzondering in de telling: kaarten die je in je functie als aanvoerder krijgt en kaarten die je als speler krijgt, worden niet bij elkaar opgeteld. Staan er bijvoorbeeld te veel spelers in het veld, dan krijgt de aanvoerder daarvoor volgens de vaste afspraken een gele kaart van 5 minuten. Maakt diezelfde aanvoerder later een overtreding als speler, dan begint de persoonlijke kaartenladder gewoon bij de eerste stap.
Internationaal is hier iets veranderd. De FIH Rules of Hockey 2026, die internationaal gelden per 1 maart 2026, schrijven expliciet een gele kaart voor de aanvoerder voor wanneer een team met te veel spelers speelt en dat het spel beïnvloedt. Voor Nederland verandert dat weinig: het KNHB-reglement eiste al een persoonlijke straf voor de aanvoerder en de Nederlandse afspraken maakten daar al een gele kaart van. Alleen de expliciete formulering in de regeltekst is nieuw.
Keeper met een kaart: wie zit de straf uit
De keeper zelf. Er bestaat geen regel die de straftijd laat overnemen door een veldspeler: krijgt je keeper groen of geel, dan zit de keeper die minuten zelf uit en speelt het team met een speler minder. Wisselen mag tijdens de straftijd niet, ook niet voor de keeper. De uitzondering zit bij de strafcorner: daar mag een geblesseerde of weggestuurde verdedigende keeper wel vervangen worden. Zit je keeper dus een straf uit en krijg je een strafcorner tegen, dan mag er voor die corner een vervangende keeper worden ingezet. Een praktische tip: spreek dit scenario vooraf door, zodat iedereen weet wie er dan het doel in gaat.
Ook de coach kan een kaart krijgen
Dit is een Nederlandse uitbreiding: KNHB-regel 14.6 kent kaarten voor teambegeleiders, iets wat de FIH-regels niet hebben. Groen betekent 2 speelminuten niet coachen, geel minstens 10 speelminuten en rood de rest van de wedstrijd. In alle gevallen speelt het team gedurende die straf met een speler minder; sinds 1 augustus 2020 geldt dat ook voor de groene kaart aan een begeleider. Een weggestuurde teambegeleider mag niet alsnog als speler meedoen, maar moet wel paramedische verzorging kunnen blijven geven. In de zaal zijn de tarieven korter: groen is 1 minuut niet coachen, geel is 4 minuten naar de tribune en rood betekent de zaal verlaten.
Rode kaart: geen automatische schorsing, wel een procedure
Rood betekent dat je de rest van de wedstrijd niet meer meedoet en het veld en de directe omgeving moet verlaten; je team eindigt met een speler minder. De scheidsrechter rapporteert de kaart dezelfde dag schriftelijk aan het Bondsbureau, waarna de tuchtcommissie van de KNHB de zaak beoordeelt.
Een hardnekkig misverstand is dat je na rood automatisch minimaal een wedstrijd geschorst bent. Zo werkt het niet: er bestaat geen automatisch minimum. De KNHB hanteert oriëntatiepunten voor strafoplegging die voor de lichtste categorieën beginnen bij 1 wedstrijd schorsing. Voor raak geweld ligt het richtpunt rond 3 wedstrijden, voor mishandeling rond 6 en voor bedreiging op 3 tot 8. Het zijn richtpunten waar de tuchtcommissie beargumenteerd van kan afwijken.
Nog een detail voor beslissingswedstrijden: tijdens een shoot-outserie kan een speler alleen door geel of rood worden uitgesloten, niet door groen. Wie in de wedstrijd zelf rood kreeg, doet aan de shoot-outs niet mee.
Kaarten bij de jeugd
Bij de jongste jeugd spelen kaarten geen rol: de speelregels van O7 tot en met O10 kennen geen persoonlijke straffen en de wedstrijden worden geleid door speelbegeleiders. Vanaf O11, dat 9 tegen 9 speelt (in seizoen 2025-2026 nog een keuze, verplicht per seizoen 2026-2027), gelden de standaard elftalspelregels met bevoegde scheidsrechters; een apart kaartschema publiceert de KNHB daarvoor niet. Vanaf O12 geldt het volledige kaartregime zoals hierboven beschreven, op het veld en in de zaal. Hoe die overstap breder uitpakt, lees je in van O10 naar O11.
Tien tegen elf: de tactische kant
Elke kaart is uiteindelijk ook een tactisch probleem. Twee, 5 of 10 minuten met een speler minder dwingt je team compacter te verdedigen en de druk naar voren te doseren. Hoe teams dat op het hoogste niveau oplossen, lees je in presses in het tophockey.
FAQ
Veelgestelde vragen
-
Hoe lang sta je aan de kant bij een groene kaart?
Op het veld 2 speelminuten, in de zaal 1 minuut. De straftijd loopt alleen als de wedstrijdklok loopt, dus een kaart vlak voor een pauze duurt in echte tijd langer. Je team speelt die minuten met een speler minder en je mag pas terugkeren als de scheidsrechter (in de zaal in de praktijk de wedstrijdtafel) het teken geeft. Sinds 1 augustus 2015 hoort er straftijd bij een groene kaart; daarvoor was het alleen een waarschuwing.
-
Wanneer duurt een gele kaart 5 en wanneer 10 minuten?
Het reglement schrijft minimaal 5 speelminuten voor en de Standaard Arbitrage Afspraken voor seizoen 2025-2026 leggen vast wanneer het er 10 zijn: bij een gele kaart voor een teambegeleider (altijd 10), bij een slidingtackle die een tegenstander raakt, uit balans brengt of tot duidelijk ontwijken dwingt, en bij een fysieke overtreding die op het lichaam is gericht. Alle andere gele kaarten duren 5 minuten. In de zaal duurt geel 2 of 4 minuten, met 4 minuten voor ernstige of fysieke overtredingen.
-
Wat gebeurt er als je twee groene of twee gele kaarten krijgt?
Een tweede groene kaart in dezelfde wedstrijd wordt een gele kaart van 5 minuten, en een tweede gele kaart betekent een rode kaart, genoteerd als twee keer geel. Kaarten die je in je functie als aanvoerder krijgt en kaarten die je als speler krijgt, worden daarbij niet bij elkaar opgeteld.
-
Wat gebeurt er als de keeper een kaart krijgt?
De keeper zit zelf de straftijd uit en het team speelt met een speler minder. Tijdens de straftijd mag de gestrafte keeper niet gewisseld worden. Alleen bij een strafcorner geldt een uitzondering: daar mag een geblesseerde of weggestuurde verdedigende keeper vervangen worden. Bij een rode kaart voor de keeper gelden verder de gewone regels en maakt het team de wedstrijd met een speler minder af.
-
Hoe lang ben je geschorst na een rode kaart?
Dat ligt niet vast, want er is geen automatische minimumschorsing. Na een rode kaart rapporteert de scheidsrechter dezelfde dag schriftelijk aan het Bondsbureau en beoordeelt de tuchtcommissie van de KNHB de zaak. De KNHB hanteert oriëntatiepunten voor strafoplegging die voor de lichtste categorieën bij 1 wedstrijd schorsing beginnen; bij raak geweld ligt het richtpunt rond 3 wedstrijden, bij mishandeling rond 6 en bij bedreiging op 3 tot 8. De tuchtcommissie kan daar op basis van de omstandigheden van afwijken.
-
Mag je een gestrafte speler wisselen tijdens de straftijd?
Nee. Een tijdelijk uit het veld gestuurde speler mag tijdens de straftijd niet vervangen worden; je team speelt die minuten met een speler minder. Direct na afloop van de straftijd mag de gestrafte speler wel gewisseld worden, zonder eerst het veld in te hoeven. De enige uitzondering is de strafcorner: daar mag een geblesseerde of weggestuurde verdedigende keeper wel vervangen worden.
Meer over regels
regels · beginner
Keeperregels in het hockey: wat mag een keeper wel en niet?
In de eigen cirkel mag een hockeykeeper de bal spelen met stick, legguards, hand of elk ander lichaamsdeel, zolang de stick in de hand blijft. Buiten de cirkel telt alleen de stick, en buiten het eigen 23-metergebied doet hij niet mee aan het spel, behalve om zelf een strafbal te nemen. Sinds 1 augustus 2019 (de KNHB-ingangsdatum) is het bovendien simpel: een team speelt met een volledig uitgeruste keeper of met 11 veldspelers, iets ertussenin bestaat niet meer. Dit artikel zet alle keeperregels op een rij, van cirkel tot strafcorner, strafbal, kaarten, zaal en jeugd.
regels · beginner
Strafbal of strafcorner: wanneer krijg je wat
Een overtreding van een verdediger in de eigen cirkel levert minstens een strafcorner op, ook zonder opzet. Het wordt een strafbal op twee gelijkwaardige gronden: als de overtreding een waarschijnlijk doelpunt voorkomt (opzet niet vereist), of als een verdediger opzettelijk een tegenstander aanpakt die de bal heeft of kan spelen (geen doelkans vereist). Buiten de cirkel, binnen de 23 meter, geldt alleen bij opzet een strafcorner. Zo staat het in het KNHB Spelreglement Veldhockey vanaf 1 augustus 2025. Hieronder zet ik beide spelstraffen naast elkaar: toekenning, uitvoering en de mythes.
regels · gevorderd
Van veldscheidsrechter naar zaalhockey fluiten: dit moet je weten
Zaalhockey fluiten vraagt een andere bril dan veld. De vier grootste omschakelingen: alleen de push is toegestaan (elke slag, slapshot of schuifslag fluit je af), elke hervatting is een vrije push met tegenstanders op 3 meter, de strafcorner kent een 30-secondenregime dat je actief managet, en kaarten hebben eigen tarieven: groen 1 minuut, geel 2 of 4. Deze gids zet per onderdeel op een rij wat je anders moet beoordelen, op basis van het KNHB Spelreglement Zaalhockey vanaf november 2025 en de Afspraken Arbitrage Zaalhockey 2025-2026.